Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

U bevindt zich op: Home GBA Informatiebank Vraag en antwoord Basisregistratie Personen

Overige vragen

Moet een gemeente een aansluiting hebben op GBA-V om te kunnen voldoen aan de verplichtingen m.b.t. de Basisregistratie Personen?

Het is niet altijd nodig en in elk geval niet verplicht, om een aansluiting te hebben op GBA-V. Als het om grotere aantallen gaat, bijvoorbeeld het versturen van de WOZ-aanslagen, dan is het gebruik van GBA-V niet handig. Voor een aanslag wordt verstuurd, moet eerst in GBA-V de gegevens worden geverifieerd en dan onmiddellijk daarna de aanslag worden verstuurd. Gebeurt dat niet direct dan zijn de gegevens niet meer actueel. Dan is het efficiënter om afnemersindicaties te plaatsen bij deze personen zodat een bestand wordt opgebouwd van buitengemeentelijke personen en het bestand geactualiseerd wordt met spontane berichten bij wijziging van de gegevens. Per taak of afdeling moet dus onderzocht worden op welke manier actuele GBA-gegevens verkregen kunnen worden van personen die in een andere gemeente zijn ingeschreven. Dat is zeker niet altijd via GBA-V.

Naar boven

Wanneer in de GBA een afnemersindicatie op een A-nummer of BSN wordt geplaatst, worden de gegevens op een correcte wijze terug ontvangen. Wanneer in de GBA echter een afnemersindicatie op een persoon, geboortedatum, etc. geplaatst wordt, krijgt de gemeente een foutmelding. Bij het versturen van een ‘ad hoc adres/persoon vraag’, krijgt de gemeente ook foutbericht dat geen adhoc-adresvragen mogen worden gesteld. Hoe zijn voor gemeenten bij BPR de autorisaties ingericht en hoe kan een gemeente foutberichten voorkomen?

Het lijkt erop dat geen goede zoekvragen worden geformuleerd. Als de identificerende gegevens niet exact overeenkomen met een persoon,dan volgt een foutmelding (persoon niet gevonden). Het betekent namelijk dat opgegeven identificerende gegevens 100% exact moeten overeenkomen en de persoon daarnaast ook in de betreffende gemeente moet zijn ingeschreven.

Naar boven

Moeten de verstrekkingen uit de GBA geprotocolleerd worden?

Op basis van de Wet Bescherming Persoonsgegevens moet inzage kunnen worden gegeven in alle verstrekkingen; aan welke organisatie en welke gegevens.
Het Agentschap BPR moet deze informatie kunnen leveren over de verstrekking aan de afnemer tot aan de voordeur van de gemeente. De gemeente is vervolgens zelf verantwoordelijk voor de eigen gegevenshuishouding en moet de verstrekking intern tot op persoonsniveau (welke ambtenaar) kunnen traceren. Dit geldt voor alle verstrekkingen via de VOA én GBA-V, ad hoc en systematisch.
Vragen die aan GBA-V gesteld worden moeten altijd voorzien zijn van een user-id. Dit is de afnemersindicatie. Na autorisatie voor het gebruik van GBA-V krijgt de afnemer (of gemeente als buitengemeentelijke afnemer) een user-id en wachtwoord verstrekt van het Agentschap BPR. Dit moet gebruikt worden om je bekend te maken bij het systeem, GBA-V weet dan wie de vragen stelt omdat hiervan logging plaatsvindt. Achter de voordeur is de gemeente zelf weer verantwoordelijk om de (binnen- of buitengemeentelijke) verstrekking te protocolleren.

Naar boven