Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

U bevindt zich op: Home BSN Beheervoorziening BSN Stappen aansluitprocedure

Stap 1

Bepaal of uw organisatie gebruik mag maken van de BV BSN

1.1 "Hoe weet ik dat mijn organisatie hiervoor in aanmerking komt?"
 
Allereerst moet uw organisatie gebruiker zijn in de zin van de Wet algemene bepalingen burgerservicenummer (artikel 1, onderdeel d)
 
De Wet algemene bepalingen BSN kent twee soorten gebruikers: 
 
1. overheidsorganen:
Met het begrip overheidsorgaan worden bestuursorganen aangeduid uit artikel 1:1, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, met inbegrip van de personen en instellingen die op grond van het tweede lid van laatstgenoemd artikel niet als bestuursorgaan worden aangemerkt. Ministers en organen van provincies, gemeenten en waterschappen vallen hier bijvoorbeeld onder. 
 
2. niet overheidsorganen:
Alleen dan wanneer zij werkzaamheden verrichten waarbij het wettelijk verplicht is het BSN te gebruiken. Bijvoorbeeld zorgaanbieders, onderwijsinstellingen of pensioenfondsen maar bijvoorbeeld ook een werkgever ten behoeve van het verstrekken van salarisinformatie aan de belastingdienst.
 
Om te bepalen of uw organisatie tot één van deze twee categorieën behoort kunt u het onderstaande vragenschema doorlopen
 
Vragenschema stap 1
 

Wanneer u geen gebruiker bent, is het verder doorlopen van dit stappenplan voor u niet relevant. 
 
Verificatievragen
Niet alle gebruikers mogen dezelfde soorten verificatievragen stellen. De BV BSN kent vijf soorten verificatievragen:   

  1. Is het nummer een BSN? (Toetsen geldigheid BSN);
  2. Is het document, met behulp waarvan een persoon zich identificeert, een document als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder 1°, 2° of 4°, van de Wet op de identificatieplicht? (Toetsen geldigheid identiteitsdocument);
  3. Is aan een persoon reeds een BSN toegekend? Zo ja, welk BSN?; (Opvragen identificerende gegevens op basis van een BSN);
  4. Aan wie is een bepaald BSN toegekend? (Opvragen BSN op basis van identificerende gegevens);
  5. Is de combinatie van identificerende gegevens en het BSN correct? (Toetsen van de combinatie BSN en identificerende gegevens).

De eerste twee vragen worden ook wel de basisverificatievragen genoemd. Deze twee vragen (1 en 2) mogen alle soorten gebruikers stellen (zie 1.2). Het mogen stellen van de overige drie vragen (3, 4 en 5) is afhankelijk van het soort gebruiker dat u bent (zie 1.3). 

1.2 "Voor het stellen van welke vragen komt mijn organisatie in aanmerking?"

In artikel 14 en 15 van de Wet algemene bepalingen burgerservicenummer wordt aangegeven welke vragen u mag stellen. Aan de hand van het onderstaande schema kunt u bepalen welke verificatievragen uw organisatie mag of moet stellen.
 

beslisboom stap 1

Ofwel: iedere gebruiker mag de basisverificatievragen (verificatievraag 1 en 2) stellen. Vraag 1 wordt beantwoord door raadpleging van het Nummerregister. Vraag 2 wordt beantwoord vanuit de achterliggende Documentregisters.
 
Voor de overige drie verificatievragen (3, 4 en 5) komen twee typen organisaties in aanmerking:
  • overheidsorganen, en
  • organisaties die wettelijk verplicht dan wel bevoegd zijn dit type BSN-verificatievragen te stellen.

Deze vragen zijn privacygevoeliger aangezien het antwoord meer gegevens bevat dan alleen geldig of ongeldig.

Voor meer informatie over de gegevens in de antwoorden kijkt u hier: Logisch ontwerp Bijlage VIII - Notitie Gegevensset 

 
1.3 "Waar kan ik de bevoegdheid of verplichting om de onder 3, 4 en 5 bedoelde verificatievragen te stellen terugvinden?"
 
Dat kunt u terugvinden in de regelgeving die op uw organisatie van toepassing is. Raadpleeg bij onduidelijkheden een jurist binnen uw organisatie. 
 
Zoals ook uit voorgaande beslisboom is af te leiden, zijn dit de opties wanneer we type gebruiker en verificatievraag met elkaar combineren:
 
Uw organisatie is:
U moet of mag stellen:
Overheidsorgaan
U moet of mag alle verificatievragen stellen, maar alleen t.b.v. het uitvoeren van uw taken.
Andere gebruiker (geen overheidsorgaan):
U moet of mag alleen basisverificatievragen stellen, maar alleen waar u bij uw werkzaamheden wettelijk verplicht dan wel bevoegd bent het BSN te gebruiken.
Andere gebruiker (geen overheidsorgaan): Bij of krachtens wet is bepaald dat deze gebruiker bevoegd is de bijzondere verificatievragen te stellen
U mag alle verificatievragen stellen, maar alleen waar u bij uw werkzaamheden wettelijk bevoegd bent om verificatievragen te stellen.
Andere gebruiker (geen overheidsorgaan): Bij of krachtens wet is bepaald dat deze gebruiker verplicht is de bijzondere verificatievragen te stellen
U moet alle verificatievragen stellen, maar alleen waar u bij uw werkzaamheden wettelijk verplicht bent om verificatievragen te stellen.
 
Ga naar stap 2.