Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

U bevindt zich op: Home BRP

De gevolgen van de staatkundige veranderingen

Op 10 oktober 2010 is het land de Nederlandse Antillen opgeheven en zijn de vijf samenstellende eilanden hun eigen weg gegaan. Curaçao en Sint Maarten zijn zelf land geworden, zodat het Koninkrijk nu bestaat uit vier landen, de drie Caribische landen (Aruba, Curaçao en Sint Maarten) en Nederland. Bonaire, Sint Eustatius en Saba maken nu als openbaar lichaam - in de wandelgangen ook wel ‘bijzondere gemeente’ - deel uit van het land Nederland, zodat Nederland voortaan bestaat uit een Europees en een Caribisch deel. Omdat deze veranderingen ook gevolgen hebben voor uw werkterreinen, willen wij u graag op hoofdlijnen informeren.

1. Paspoortwet

Alle paspoortregelgeving is aangepast aan de staatkundige verandering die op 10-10-10 is doorgevoerd. De meeste aanpassingen waren technisch van aard en vloeiden bijvoorbeeld voort uit de verdwijning van het land de Nederlandse Antillen. Meer inhoudelijk kan het volgende worden vermeld.

Caribisch Nederland
De openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba zijn op het gebied van de reisdocumentenuitgifte zoveel mogelijk gelijk gesteld aan gemeenten. De bevoegdheden van de gezaghebbers van de openbare lichamen zijn gelijk aan die van de burgemeesters van de gemeenten, op twee belangrijke uitzonderingen na. De gezaghebber verstrekt geen Nederlandse identiteitskaarten (NIK), aangezien de NIK niet geldig is op de drie eilanden. De gezaghebber verstrekt wel nooddocumenten. Deze bevoegdheid was al gemandateerd aan de gezaghebber, zodat er op dit punt in de praktijk niets verandert.

Voor Bonaire, Sint Eustatius en Saba is, evenals voor de gemeenten, een maximum gesteld aan de hoogte van de leges die door de openbare lichamen mogen worden geheven voor de uitgifte van reisdocumenten, in artikel 6, tweede lid, van het Besluit paspoortgelden. Overigens zijn de bedragen voor reisdocumenten opgenomen in de US dollar, die per 1 januari 2011 de nieuwe munteenheid wordt op deze eilanden. Tot dat moment worden de bedragen volgens een vaste koers omgerekend naar Nederlands-Antilliaanse guldens (1 US dollar is 1,790 NAf). Voor nooddocumenten geldt een vast bedrag, dat is opgenomen in artikel 12, eerste lid, onder g, van het Besluit paspoortgelden.

De uitgifte van reisdocumenten in Bonaire, Sint Eustatius en Saba is ondergebracht in de Paspoortuitvoeringsregeling Nederland 2001.

De Caribische landen
In de landen Aruba, Curaçao en Sint Maarten is de uitgifte van reisdocumenten een verantwoordelijkheid van de Gouverneur van ieder van de landen. In de Caribische landen worden de paspoorten voor ingezetenen, namens de Gouverneur, uitgegeven door het Bureau dat ook verantwoordelijk is voor de bevolkingsadministratie. De overige reisdocumenten worden rechtstreeks uitgegeven door het Kabinet van de Gouverneur. De bevoegdheden van de Gouverneur zijn in de Paspoortwet overigens ongewijzigd gebleven.

De Paspoortuitvoeringsregeling Nederlandse Antillen en Aruba 2001 is omgevormd tot de Paspoortuitvoeringsregeling Caribische landen. Deze regeling heeft nu uitsluitend nog betrekking op de drie Caribische landen: Aruba, Curaçao en Sint Maarten.

2. Bevolkingsadministratie

De PIVA’s in Caribisch Nederland en PIVA-V
De bevolkingsadministraties van de openbare lichamen (PIVA’s) vallen onder een eigen wet, de Wet basisadministraties persoonsgegevens BES. Deze wet bevat tevens de juridische basis voor een centrale verstrekkingenvoorziening (PIVA-V), waarvoor de minister van BZK verantwoordelijk is. Deze nieuwe voorziening verzorgt de systematische verstrekking van persoonsgegevens uit de basisadministraties van de drie openbare lichamen aan Nederlandse overheidsinstellingen en derden. Dit maakt het mogelijk dat ook overheidsinstellingen en derden in Europees Nederland, mits zij daartoe door de minister van BZK zijn geautoriseerd, de gegevens verstrekt kunnen krijgen die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van hun taak.

Meer informatie over PIVA-V is te vinden op deze website. Tevens is een overzicht te vinden van de verschillen tussen een GBA persoonslijst (PL) en een PIVA PL. Een belangrijk verschil is dat waar op de GBA PL het BSN (burgerservicenummer) is opgenomen, op de PIVA PL een ander nummer, het id-nummer, voorkomt. Voorts bevatten PIVA PL-en naast gemeentecodes ook eilandcodes.

Op het terrein van de privacybescherming geldt nu voor beide delen van Nederland een vergelijkbaar regime. Voor het Europese deel van Nederland is dat neergelegd in de Wet GBA, waarin enkele artikelen uit de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp) van overeenkomstige toepassing zijn verklaard. Voor Caribisch Nederland geldt de Wet basisadministraties persoonsgegevens BES, waarin enkele bepalingen uit de Wet bescherming persoonsgegevens BES van overeenkomstige toepassing zijn verklaard. Deze betreffen onder andere de Commissie toezicht bescherming persoonsgegevens BES die in het belang van de bescherming van de persoonlijke levenssfeer toeziet op de uitvoering van de Wet basisadministraties persoonsgegevens BES.

Migraties tussen de verschillende delen van het Koninkrijk
De bestaande procedures bij verhuizingen van ingezetenen tussen de verschillende delen van het Koninkrijk blijven in principe van kracht. In de GBA wordt een verhuizing van een persoon naar een Caribisch land of een openbaar lichaam geregistreerd als een emigratie. Een verhuizing vanuit deze gebieden naar Nederland wordt geregistreerd als een immigratie. Voor verhuizingen tussen de Caribische landen onderling, de openbare lichamen onderling en tussen een openbaar lichaam en een Caribisch land geldt eveneens dat deze als een immigratie dan wel een emigratie in de betrokken basisadministraties worden verwerkt.

Gemeenten, openbare lichamen en Caribische landen blijven voor de gegevensuitwisseling met het oog op de bijhouding van de basisadministraties gebruik maken van de PGK-module (PIVA-GBA-Koppeling). Via deze module worden bij migratie van een persoon tussen twee delen van het Koninkrijk, de noodzakelijke gegevens zoals die voorkomen op de persoonslijst van betrokkene overgebracht van PIVA naar de GBA of omgekeerd.

Landentabel
Op 10-10-10 zijn enkele wijzigingen in tabel 34, de Landentabel, doorgevoerd. De landcode van het land de Nederlandse Antillen kan met ingang van deze datum niet meer worden gebruikt voor nieuwe rechtsfeiten. De nieuwe landen – Curaçao en Sint Maarten – hebben elk een eigen landcode gekregen. Omdat het bij verhuizingen van en naar Bonaire, Sint Eustatius en Saba op grond van de betreffende wetten (GBA en PIVA) nog steeds gaat om een emigratie dan wel een immigratie, zijn, naast de bestaande eilandcodes, aan de openbare lichamen ook landcodes toegekend. Een en ander heeft ook gevolgen voor de administratieve afhandeling van deze verhuizingen. De Handleiding Uitvoeringsprocedures (HUP) is daarop aangepast.
De wijzigingen in tabel 34 zijn via het GBA-netwerk aan de gemeenten toegestuurd. Kijk verder op deze website voor de aangepaste versies van tabel 34 en de Handleiding Uitvoeringsprocedures.

3. Identiteitskaart Bonaire, Sint Eustatius en Saba

De sédula
De drie openbare lichamen kennen ieder hun eigen identiteitskaart, de sédula. Iedere persoon die als ingezetene in de basisadministratie persoonsgegevens is ingeschreven, Nederlander of legale vreemdeling is en de leeftijd van twaalf jaar heeft bereikt, is verplicht een sédula aan te schaffen. De verantwoordelijkheid voor de sédula berust op grond van de Wet identiteitskaarten BES bij de minister van BZK. De nieuwe status van de drie eilanden is gepaard gegaan met een nieuwe vormgeving van de sédula. Het document heeft een creditcard formaat en kent voor ieder van de openbare lichamen een eigen model.

De sédula wordt uitgegeven door de afdeling Burgerzaken van het eiland waar betrokkene woont. Het document wordt ter plekke gepersonaliseerd en kan gelijk worden meegenomen. Een foto meenemen is niet nodig: de foto voor de sédula wordt genomen door de afdeling Burgerzaken. De ingezetene moet vóóraf de oude sédula inleveren. Wanneer de sédula is vermist, moet de ingezetene een proces verbaal van de politie inleveren of een verklaring afleggen. Het tarief voor de sédula wordt door het openbaar lichaam zelf vastgesteld.

Overgangsbepaling
De bestaande sédula’s behouden in principe hun geldigheid. De sédula’s die vóór 10 oktober 2010 zijn uitgegeven op Bonaire, behouden hun geldigheid totdat de daarop vermelde geldigheidsduur is verstreken. Deze sédula’s hebben namelijk hetzelfde formaat en voldoen aan vergelijkbare veiligheidsvereisten als de nieuwe identiteitskaarten. De sédula’s die vóór 10 oktober 2010 zijn uitgegeven op Sint-Eustatius en Saba verliezen hun geldigheid uiterlijk op 1 juli 2011, tenzij de daarop vermelde geldigheidsduur eerder is verstreken.

De sédula als document voor grensoverschrijding
De sédula die in Bonaire, Sint Eustatius en Saba is uitgegeven, is uitsluitend geldig als identiteitskaart op het desbetreffende eiland. Bij verhuizing naar een ander openbaar lichaam moet een nieuwe identiteitskaart worden aangevraagd. De sédula geeft voor houders met de Nederlandse nationaliteit ook toegang tot de drie eilanden (grensoverschrijding). Ook houders van een sédula van Aruba, Curaçao en Sint Maarten kunnen daarmee reizen naar ieder van de openbare lichamen. De Caribische landen Aruba, Curaçao en Sint Maarten bepalen hun eigen toegangsbeleid. De reiziger moet dan ook zelf nagaan of hij met een sédula van Bonaire, Sint Eustatius of Saba naar een van deze Caribische landen kan reizen.
Met de sédula kan niet naar het Europese deel van Nederland worden gereisd en de sédula is daar ook niet geldig als identiteitsbewijs. Andersom geldt dat met de Nederlandse identiteitskaart niet naar het Caribische deel van Nederland of naar de Caribische landen van het Koninkrijk kan worden gereisd. De NIK kan daar evenmin als identiteitsbewijs worden gebruikt. Het bovenstaande houdt in dat voor reizen tussen het Europese en het Caribische deel van het Koninkrijk altijd een paspoort noodzakelijk is.